1967 | De lancering van de Lunar Orbiter III vond vandaag plaats. Deze had als doel het zoeken naar landingsplaatsen voor de Apollo missie. [lees meer] 1974 | Mariner 10 maakt eerste close-up foto's van Venus. [lees meer]
Deze leden hebben deze maand de meeste reacties geplaatst.
Geschiedenis voor 1800
Deze pagina is nog niet klaar. Laatste update: 31 januari om 15:30 uur.
-2136: Chinese astronomen leggen een zonsverduistering vast.
-586: Thales van Miletus voorspelt een zonsverduistering.
-350: Aristoteles kaart het idee van een ronde aarde aan, aan de hand van
observaties van maanverduisteringen.
-280: Aristarchus gebruikt de grootte van de schaduw van de aarde op de maan
om te gokken dat de radius van de maan 1/3 is van die van de aarde.
-200: Eratosthenes gebruikt schaduwen om vast te stellen dat de radius van
de aarde ruim 6400 km is.
-150: Hipparchus gebruikt parallax om vast te stellen dat de afstand van de
maan naar de aarde ongeveer 380000 km is.
-134: Hipparchos maakt de magnitudeschaal van de helderheid van sterren.
-134: Hipparchos ontdekt de precisie van de equinoxen.
-134: Hipparchos maakt een gedetailleerde sterrenkaart.
1006: Chinese en Amerikaans-Indische astronomen observeren de
supernova-explosie van huidig supernova-restant SN 1006. Het is de helderste
supernova ooit waargenomen.
1054: Chinese en Amerikaans-Indische astronomen observeren de
supernova-explosie van de huidige Krabnevel.
1512: Nicolaus Copernicus (Niklas Koppernigk) openbaart voor het eerst zijn
heliocentrische theorie in Commentariolusfirst.
1543: Nicolaus Copernicus geeft aan dat zijn heliocentrische theorie de
planetaire bewegingstabellen in De Revolutionibus de Orbium Coelestium
vergemakkelijkt.
1572: Tycho Brahe ontdekt zijn supernova in het sterrenbeeld Cassiopeia.
1577: Tycho Brahe gebruikt parallax om te bewijzen dat kometen lichamen zijn
van buitenaf en geen verschijnselen in de atmosfeer.
1587: Johann Fabricius wordt geboren.
1596: David Fabricus merkt op dat Mira’s helderheid varieert.
1608: Hans Lipperhey uit Middelburg probeert een patent aan te vragen op
“een seecker instrument waarmede men verre kan sien”: de eerste
(refractor-)telescoop! Waarschijnlijk was Zacharias Jansen, ook uit
Middelburg, echter de uitvinder, maar niet met de bedoeling om hem op de
hemel te richten.
1609: Johannes Kepler openbaart zijn eerste twee universele wetten van
planetaire bewegingen.
1609: Johannes Keplers supernova in het sterrenbeeld Slang wordt
geobserveerd.
1609: Galileo Galilei bouwt zijn eerste refractor en wordt de eerste die een
telescoop naar de hemel richt.
1610: Galileo Galilei ontdekt de manen Callisto, Europa, Ganymedes en Io van
Jupiter.
1610: Galileo Galilei gebruikt observaties van zonnevlekken om de draaiing
rond de zon te demonstreren.
1610: Galileo Galilei ziet Saturnus’ ringen, maar ziet niet dat ze ringen
zijn.
1619 Johannes Kepler postuleert een zonnewind om de richting van de staarten
van kometen aan te verklaren.
1619: Johannes Kepler openbaart zijn derde universele wet van planetaire
beweging.
1641: William Gascoigne vindt het telescopische mikpunt uit.
1655: Giovanni Cassini ontdekt Jupiters Grote Rode Vlek.
1656: Christiaan Huygens identificeert Saturnus’ ringen als ringen en
ontdekt Titan en de Orionnevel.
1661: James Gregory stelt een optische reflector-telescoop voor.
1665: Giovanni Cassini stelt de rotatiesnelheden van Jupiter, Mars en Venus
vast.
1668: Isaac Newton bouwt zijn eerste optische reflectie-telescoop.
1672: Giovanni Cassini ontdekt de maan Rhea van Saturnus.
1672: Geminiano Montanari merkt op dat de helderheid van de ster Algol
varieert.
1672: Jean Richer en Giovanni Cassini meten de astronomische eenheid als
zijnde ongeveer 138.370.000 km.
1675: Ole Römer gebruikt de omloopbanenmechaniek van Jupiters manen om de
snelheid van het licht vast te stellen op 227.000 km/s.
1678: Edmund Halley publiceert een catalogus van 341 zuidelijke sterren: de
eerste systematische kaart van de zuidelijke hemel.
1686: Gottfried Kirch merkt op dat Chi Cygni’s helderheid varieert.
1705: Edmund Halley voorspelt publiekelijk de periode van ‘zijn’ komeet en
berekent dat de terugkeer van deze komeet in 1758 zal gebeuren.
1715: Edmund Halley berekent het schaduwpad van een zonsverduistering.
1716: Edmund Halley veronderstelt een hoge-precisiemeting van de Zon-Aarde
afstand door de overgang van Venus te timen.
1718: Edmund Halley ontdekt de juiste stellaire beweging door zijn
astrometrische bevindingen te vergelijken met die van de oude Grieken.
1733: Chester Moor Hall vindt de achromatische-lens-refractor uit.
1758: John Dolland vindt de achromatische lens opnieuw uit.
1758: Johann Palitzsch observeert de terugkeer van Halleys komeet.
1766: Johann Titius vindt de Titius-Bode-regel voor planetaire afstanden.
1771: Charles Messier publiceert zijn eerste lijst van nevels.
1772: Johann Bode publiceert de Titius-Bode-regel voor planetaire afstanden.
1781: William Herschel ontdekt Uranus tijdens een telescopisch onderzoek van
de noordelijke hemel.
1782: John Goodricke merkt op dat de helderheidsvarieties van Algol
periodiek zijn en neemt aan dat Algol deels verduisterd is door een lichaam
dat er omheen draait.
1784: Edward Piggot ontdekt de eerste Cepheïde: een variabele ster.
1789: William Herschel maakt zijn 49-inch optische reflector af, nu te
vinden in Slough, Engeland.
1796: Pierre Laplace openbaart zijn nevelhypothese voor de formatie van
zonnestelsels uit ronddraaiende nevels van gas en stof.