"Hyperion is heel uniek als we kijken naar de rest van de objecten in ons zonnestelsel", vertelt Dale Cruikshank van NASA's Ames onderzoekscentrum in Moffett Field (Verenigde Staten). Dit beeld werd versterkt toen de Cassini ruimtesonde vier keer langs de maan vloog in 2005 en 2006. Hyperion bleek veel meer kraters te hebben dan andere manen rondom Saturnus. Daarnaast leken de kraters dieper en minder geërodeerd.
Nu zijn wetenschappers erachter gekomen dat de maan een hele lage dichtheid heeft en dus heel poreus is. Dit blijkt uit data van de Cassini ruimtesonde en gedetailleerde computermodellen. De maan bestaat uit 42 procent lege ruimte. De rest is voornamelijk waterijs.
Over hoe de maan is ontstaan zijn wetenschappers het niet met elkaar eens. "Het kan zijn dat er vroeger veel koolstofdioxide onder het oppervlak van Hyperion zat. Dit gas is waarschijnlijk verdampt, maar kan ook zijn ontploft. In dat geval zijn de diepe kraters geen inslagkraters, maar explosiekraters", meent Cruikshank.

Bron: New Scientist
[related]
Gerelateerde nieuwsberichten
{related:|related_date|: |related_title|
} [/related]




